6 juni 2010

De lens is het oog van de camera

De lens is het oog van de camera, Het is dus heel belangrijk dat u een goed objectief heeft. Er zijn een aantal factoren waar u rekening mee moet houden, wanneer u een objectief wilt aanschaffen:

Small frame, full frame
Allereerst moet u weten of uw camera een small frame-, of een full frame-camera is. Een full frame-sensor is van hetzelfde formaat als een 35 mm negatief (24-36 mm). De Small frame-sensors zijn, de naam zegt het al, kleiner dan een 35 mm negatief. Dit formaat heeft effect op de keuze van uw lens. Dat komt door de crop-factor: de verhouding tussen het formaat van de sensor van de camera en de beeldhoek van de lens. Is de sensor kleiner dan de beeldhoek van de lens, dan zal niet het gehele bereik van de lens op de sensor kunnen vallen. Bij camera's van Nikon is de cropfactor 1,5. U moet dan de volgende berekening maken: Brandpuntsafstand x Cropfactor (1,5) = Effectieve brandpuntsafstand. U zult echter merken dat bijna alle standaard consumentencamera's een small frame-sensor hebben.

DX
De Nikon DX-lens is alleen geschikt voor de small frame-camera. Alle andere lenzen zijn geschikt voor zowel de small frame-, als de full frame-camera. U hoeft hier alleen rekening te houden met de crop-factor.

Diafragma
De lichtwaarde van een lens heeft veel invloed op uw foto's. Het diafragma wordt aangeduid met een F-getal. Een laag getal is een grote opening en een hoog getal is een kleine opening. Hoe groter het diafragma, hoe meer licht u binnenlaat. Dit bepaalt niet alleen het contrast en de helderheid, maar ook de scherptediepte van de foto. Scherptediepte is de zone in het onderwerp wat scherp is. Hoe kleiner het diafragma (dus hoe hoger F-getal), hoe groter de scherptediepte. Hoe groter het diafragma (dus hoe kleiner F-getal), hoe beter u kunt fotograferen bij weinig licht. De kleine scherptediepte die bij dit diafragma ontstaat geeft u creatieve mogelijkheden. Veel objectieven hebben een variabel F-getal, waar het maximale diafragma kleiner wordt naarmate je verder inzoomt. Bijvoorbeeld een lens met f/3.5 - 5.6. Maximaal uitgezoomd gebruikt u het maximale diafragma van f3.5. Maximaal ingezoomd verkleint het maximaal diafragma naar f5.6. Er zijn echter ook objectieven die over het gehele bereik een vaste maximale lensopening hebben. Deze worden dan ook met één F-getal aangeduid.

Beeldstabilisatie
Niet elke camera heeft een beeldstabilisator in zijn body zitten. Daarom moet u kijken of de stabilisatie in de lens te vinden is. Deze stabilisatie voorkomt bewogen foto's door onbedoelde camerabewegingen te compenseren. Omdat u minder kans heeft op bewogen foto's kunt u langere sluitertijden aanhouden. Deze sluitertijden gebruikt u onder andere in situaties waar er weinig licht aanwezig is, waar u niet wilt flitsen.

Geen opmerkingen:

Een reactie plaatsen